Bij wijze van interpretatie van (? 1718-02-23) wordt bepaald dat alle amenden verschuldigd wegens ontduiking van handwerksgeld, Nahrungsgeld, kopgeld of veegeld (ambachtsgeld, consumptie, capitatie of bestialen), wanneer zij niet binnen twee maanden door de jurisdictieheren zijn ingevorderd, aan de Gelderse exploitenkas, of strafkas vervallen.