Zijne Majesteit beperkt het aantal raadsheren verbonden aan de diverse regeringsinstellingen, om aldus te geraken tot lastenverlichting voor de domeinen. De Hoge Raad der Nederlanden te Madrid zal voortaan worden gevormd door de voorzitter, een raadsheer van de korte robe en twee van de lange. De overige raadsheren worden op wachtgeld gesteld met recht van opvolging in de openvallende plaatsen. Voor de raadsheren en ambtenaren van de collaterale raden, de rekenkamers en de provinciale hoven van justitie blijven de hervormingen, zoals neergelegd in (?1681-01-25), (?1684-01-07) en (?1685-02-13) van kracht. Het personeel van de provinciale hoven en rekenkamers dat toen met wachtgeld is gestuurd behoudt uitzicht op aanstelling in een der openvallende plaatsen. Hun toelage wordt gehalveerd. Voorzover zij geld hebben betaald voor het verwerven van hun functie krijgen zij een rentevergoeding over dat bedrag. Schade en interessen voortspruitend uit het niet nauwkeurig naleven van de depêche zullen op de verantwoordelijke personen worden verhaald. Het reglement moet worden gepubliceerd door alle raden, gerechtshoven en rekenkamers in den lande. De besparingen die van de doorvoering van de wensen van Zijne Majesteit het gevolg zullen zijn, moeten ten goede komen aan het leger. De verantwoordelijkheid hiervoor wordt gelegd bij de luitenant-gouverneur en kapitein-generaal. Zesmaandelijkse rapporten over de voortgang van de hervormingen worden te Madrid ingewacht.