Ter voorkoming van de verdere verspreiding van de besmettelijke ziekte, die vanuit Danzig inmiddels is overgeslagen naar Polen, Pruisen, Pommeren, Lijfland, Finland en Zweden, verbieden de Staten-Generaal de invoer van een groot aantal produkten uit deze contreien, voornamelijk textielproducten, huiden en vachten, benevens graan en zaad in zakken. De voorzorgen bij het laden en lossen van graanschepen blijven van kracht (?1709-09-21) en (?1709-10-29/2). De Oostzee-staten wordt verzocht de door de Republiek afgekondigde beperkende bepalingen bekend te maken. Overtreders van de diverse bepalingen wacht de doodstraf. De Staten-Generaal treffen ook maatregelen om te voorkomen, dat goederen uit de besmette gebieden via de "Kleine Oost" (Hamburg, Bremen en het stroomgebied van Elbe en Weser) langs Wadden en Eems de Republiek bereiken. Goederen uit de Kleine Oost moeten voorzien zijn van certificaten van herkomst. Ontlading der schepen is pas geoorloofd nadat de certificaten zijn gecontroleerd door de commies-generaal in het kwartier waar de goederen zullen worden aangeland. Ten behoeve van de invoer van goederen over de landgrenzen zullen van Nieuwe Schans tot de Maas speciale pakhuizen worden ingericht, waar de goederen in ongeopende verpakking bewaard moeten worden, totdat de commies-generaal de vereiste controles heeft verricht. Goederen die niet voorzien zijn van bedoelde certificaten zullen worden vernietigd op kosten van de eigenaar.