De verordening voorziet in de instelling van een groot aantal wisselplaatsen voor postpaarden. Er zijn bepalingen in opgenomen ten aanzien van aantal en soort van wisselpaarden, de toegelaten belasting voor personen- en goederenverkeer en de verschuldigde tarieven. Het is gebruikers van deze diensten niet toegestaan de paarden over de kop te jagen of de houder van het wisselstation of diens postiljons onheus te bejegenen: laatstgenoemden staan onder de persoonlijke bescherming van Zijne Maiesteit. Overtredingen van het reglement moeten worden berecht door de hoofdofficier ter plaatse, waarbij een subalterne officier de beschuldigde moet calangeren. De verordening voorziet in de toekenning van enige voorrechten aan functionarissen van het postwezen. Zij zijn vrijgesteld van "guet et garde" (wachtdienst), inkwartiering van en dienstverlening aan militairen, en van grond- en verbruiksbelastingen als bede, twintigste penning, haardgeld en dergelijke, ongeacht of het daarbij om personele of reële belastingen gaat, onder voorwaarde dat zij geen nevenbedrijf uitoefenen. Postmeesters, ordinaris koeriers, commiezen en directeuren van postbureaus genieten bovendien ook vrijdom van stedelijke belastingen, met name van de "vier speciën", onder dezelfde voorwaarde. De postdiensten zijn exempt van alle passagegelden. Indien burgerlijke overheden in weerwil van deze verleende vrijheden toch militairen inkwartieren bij het personeel van de posterijen, zijn zij gehouden tot schadevergoeding. Indien militairen zich vermeten veevoer te vorderen van de postdienst, dan zal hun soldij worden ingehouden. De "assoyeurs" (zetters) en collecteurs van belastingen dienen het personeel van de postdienst buiten de omslag der belastingen te houden, op straffe van zelf hun aandeel te moeten betalen. Indien men meent dat zij toch enige belasting zouden moeten betalen, kan men zich wenden tot de raad-fiscaal van het provinciale hof. Tenslotte wordt bepaald dat geen arrest of beslag, wegens schulden kan worden gelegd op het salaris, de paarden of het veevoer toebehorend aan het personeel der posterijen. De gedeputeerden uit de Staten worden met name gemaand om de fiscale voorrechten der posterijen te respecteren.