Onder verwijzing naar het plakkaat van 12 september 1736 (ROPBa 3.5.118), waarbij aan de Raden van Brabant, Luxemburg, Vlaanderen en Namen permissie wordt gegeven om bij het vaceren van de zetel van een raadsheer een nominatie van drie personen op te maken - een voorrecht dat de Soevereine Raad van Roermond eerst later verwierf (?1737-10-02) -wordt bepaald, dat nieuw benoemde raadsheren voortaan niet het volledige medianaat zullen hoeven betalen. Zij hoeven slechts het verschil bij te passen tussen het medianaat dat zij voor een eerdere functie hebben betaald en het verschuldigde bedrag voor een functie als raadsheer. De regering tracht op deze wijze meer bekwame juristen voor de lange tabbaard te interesseren.
Teneinde de kwaliteit van advocaten en procureurs te verbeteren, wordt de Universiteit van Leuven vermaand om zich strikt te houden aan de voorschriften die bij gelegenheid van de "visite" van de Universiteit in 1617 zijn opgesteld (PB 3.89). Zij dient erop toe te zien, dat aan niemand de graad van licentiaat in de rechtsgeleerdheid wordt verleend, die daartoe nog niet de vereiste rijpheid heeft bereikt. Onder verwijzing naar de ordonnantie van 25 october 1741 (ROPBa 3.5.479, noot 1) wordt het de Universiteit verboden om dispensatie te verlenen van het volgen van enig studie-onderdeel.
Ten aanzien van advocaten en procureurs wordt bepaald, dat zij genoegen moeten nemen met het honorarium, zoals dat door het provinciale hof zal worden "getaxeerd". Indien zij zich laten betalen, alvorens hun honorarium door de griffier is vastgesteld, dan kunnen hun cliënten een vordering instellen wegens "qualijcke" betaling. Advocaten kunnen in zo'n geval crimineel worden vervolgd.
Het provinciale hof kan verdienstelijke jonge advocaten een aanmoedigingspremie toekennen.
Rechters, pensionarissen, secretarissen en griffiers die in eerste instantie als neutrale partij bij een proces betrokken zijn geweest, mogen niet in tweede instantie als advocaat voor een der partijen optreden. Dit geldt ook voor rechtsgeleerden, wier advies model stond voor het in eerste aanleg gevelde vonnis.
De verordening moet jaarlijks opnieuw worden gepubliceerd.*