• DECREET TERZAKE VAN HET DENOMBREMENT VAN BEURZEN BESTEMD VOOR DE UNIVERSITEIT VAN LEUVEN

    Teneinde te voorkomen dat studiebeurzen die staan ter collatie van beheerders die niet zijn onderworpen aan de jurisdictie van de Universiteit van Leuven voor de studenten verloren zouden kunnen gaan, gelast de landvoogd aan collatoren, rentmeesters en beheerders van dergelijke stichtingen om binnen twee maanden een copie van de stichtingsakte van de beurs en een specificatie van inkomsten te doen geworden aan de rector van de universiteit. De rector wordt belast met het drukken en publiceren van de verordening.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MUNTCIRCULATIE

    Onder verwijzing naar (?1757-06-10), (?1760-04-14) en (?1760-07-04) decreteert het Hof van Gelre een nieuwe koers voor Kleefse en Wurtembergse pasmunt.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MUNTCIRCULATIE

    De koers van Kleefse en Luikse pasmunt wordt meer in overeenstemming gebracht met de intrinsieke waarde. De circulatie van dergelijke pasmunt, zonder jaartal, of geslagen ná 1755, wordt verboden. Munten genoemd in (?1762-01-11) mogen niet langer in omloop worden gebracht. (?1749-09-19_1) en (?1760-04-16) moeten strikt worden nageleefd.
  • ORDONNANTIE VAN DE RAAD VAN FINANCIËN TERZAKE VAN DE IN- EN UITGAANDE RECHTEN VAN HET LAND VAN WEERT

    De ingezetenen van het Land van Weert betalen in- en uitgaande rechten van buitenlandse waren op dezelfde voet als Gelderse ingezetenen. De import van runderen, paarden en veulens kan echter vrij van rechten geschieden. De eigen produkten van het land kunnen vrij van rechten worden uitgevoerd, met uitzondering van wol, kool- en vloerzaad, die volgens het Gelders tarief worden belast. In alle gevallen moet echter aangifte worden gedaan bij de kantoren van in- en uitgaande rechten. Indien de inwoners van Weert rundvee uitvoeren, moeten zij de voorschriften, zoals vervat in de ordonnantie van 16 september 1739 in acht nemen. De regeerders van Weert, Wessem en Nederweert zullen mogen interveniëren in processen in zaken van in- en uitgaande rechten, wanneer zij het algemeen belang daarmee gediend achten.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE RECHTSPLEGING IN ZAKE VAN IN- EN UITGAANDE RECHTEN

    (?1755-12-02_2) wordt in zoverre gewijzigd, dat voortaan appèl is toegelaten van vonnissen in processen, waarbij in eerste instantie een boete is opgelegd van meer dan vijftig guldens.
  • DEPÊCHE VAN DE RAAD VAN FINANCIËN TERZAKE VAN DE HEFFING VAN HET MAASLICENT TE ROERMOND

    De Raad van Financiën verbiedt aan de principale officieren van in- en uitgaande rechten te Roermond om goederen afkomstig uit het Staatse Overkwartier, waarvan te Venlo het licent van opkomende waren betaald is, vrij van rechten te laten uitvoeren. Indien er enkel van transito-handel sprake is, moeten er enige speciale formaliteiten in acht worden genomen. De depêche moet worden geaffigeerd op de gebruikelijke plaatsen der kantoren van in- en uitgaande rechten.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN LOTERIJEN

    Hare Majesteit verbiedt het houden van niet-geoctrooieerde loterijen op straffe van duizend gulden boete en confiscatie van de reeds ingelegde gelden.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MUNTCIRCULATIE

    (?1757-03-19) ten vervolge, wordt de circulatie van Franse pasmunt in het Overkwartier verboden. De noodzaak deze munten te gedogen is verdwenen, nu er geen Franse troepen meer aanwezig zijn.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN EEN BESMETTELIJKE ZIEKTE ONDER HET HOORNVEE IN DE MEIERIJ VAN ' S-HERTOGENBOSCH

    Onder verwijzing naar (?1756-12-22) verbiedt het Hof van Gelre voorshands tot 1764 de invoer van hoornvee uit de Meierij naar het land van Weert en Nederweert. In weerwil van het verbod ingevoerd vee, vlees of huiden moeten worden vernietigd. De vervoermiddelen zullen worden geconfisqueerd. Overtreders riskeren bovendien een boete en arbitraire lijfstraf.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN EMIGRATIE

    Hare Majesteit verbiedt eenieder haar onderdanen aan te zetten tot emigratie, op straffe van geseling, verbeurte van goederen en eeuwige verbanning. Onderdanen die op dergelijke avances ingaan worden op gelijke wijze gestraft. Voerlieden, matrozen, herbergiers en dergelijke moeten bij vermoeden van emigratie aangifte doen, op straffe van als medeplichtigen te worden gestraft. Rechterlijke officieren dienen de raad-fiscaal van hun verrichtingen terzake op de hoogte te houden.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN RESIGNATIE EN PERMUTATIE VAN BENEFICIËN

    De regula de viginti diebus van de apostolische kanselarij wordt voorlopig tot wet verheven in de Oostenrijkse Nederlanden.
  • PROVISIONELE ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MUNTCIRCULATIE

    De monetaire ontwikkeling in de naburige gebieden maakt het wenselijk de goede gouden en zilveren speciën in het Oostenrijkse Overkwartier alsnog te evalueren op voet van (?1749-09-19_1) en van (?1750-03-05). Het reglement van modificatie (?1750-04-30) blijft van toepassing. De koers van pasmunt blijft ongewijzigd. Een tarieflijst completeert de verordening.
  • PROVISIONELE ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MUNTCIRCULATIE

    Onder verwijzing naar (?1762-01-11), (?1762-03-03), (?1765-04-19) en (?1765-04-27) wordt de koers van een aantal soorten pasmunt verlaagd.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MUNTCIRCULATIE

    (?1765-04-19), (?1765-04-27) en (?1765-05-21) worden in opdracht van het Generaal-Gouvernement ingetrokken. De status-quo-ante wordt daarmee hersteld.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN HET DRAGEN VAN DEGENS

    Hare Majesteit verbiedt niet-militairen, voor zover zij gerechtigd zijn een degen te voeren, om op militaire wijze hun degen te sieren met kwasten van gevlochten gouddraad en zwarte zijde.
  • DECREET (a ) BETREFFENDE DE NALEVING VAN HET REGLEMENT (b) TERZAKE VAN DE AANZEGGING VAN OPENBARE GEBEDEN EN DANKSTONDEN

    De landvoogd beveelt de naleving van het reglement van 23 november 1660, waarin wordt bepaald dat missiven van de centrale regering aan bisschoppen en geestelijken in verband met openbare gebeden en dankstonden, door tussenkomst van de provinciale hoven aan de geadresseerden ter hand gesteld moeten worden. De bedoelde brieven zullen daartoe onder couvert rechtstreeks aan de provinciale hoven worden toegezonden.
  • EDICT TERZAKE VAN BEDELARIJ

    De verordening is hoofdzakelijk een herhaling van de bepalingen van (?1734-01-12). De verplichting tot jaarlijkse herpublicatie ontbreekt.
  • EDICT TERZAKE VAN DE ONTDUIKING VAN TOLLEN EN IN- EN UITGAANDE RECHTEN

    Kooplieden en transporteurs van goederen te water en te land moeten aangifte doen van de door hen ingevoerde waren bij het eerste kantoor van in- en uitgaande rechten dat zij tegenkomen. Zij moeten zich aldaar tegen betaling van rechten voorzien van depêches, sauvegardes of "acquitten & caution", waarin wordt vermeld wie, welke goederen, hoeveel ervan, langs welke weg, van welke plaats, naar welke bestemming wenst te vervoeren. Het is verboden 's nachts goederen in te voeren. De verordening behelst straffen voor onjuiste, onvolledige of niet-aangifte van goederen, het vervoer naar afwijkende bestemmingen, tijdsoverschrijding en dergelijke. Het vervoer van goederen met andere acquitten dan de bijbehorende is niet geoorloofd. Acquitten mogen niet van de goederen worden gescheiden. Inwoners van het platteland hoeven zich niet van acquitten te voorzien, indien zij goederen voor eigen gebruik vervoeren. Een attest van de wethouders of van de pastoor met een geldigheidsduur van één jaar volstaat. Zowel kooplieden, facteurs, agenten als voerlieden, zijn elk voor zich aansprakelijk voor het betalen der invoerrechten. Hare Majesteits officieren kunnen hen naar believen dagvaarden, zonder dat dagvaarding van één van hen vrijwaring van de anderen impliceert. Vervolging kan tot twee jaar na dato van het delict worden ingesteld. Indien een overtreding strafbaar is met een boete, dan mag de overtreder, indien het delict vaststaat, worden vastgehouden totdat hij voldoende borg heeft gesteld. Insolvente en trage betalers riskeren gevangenisstraf op water en brood gedurende zes weken; deze straf kan bij recidive verlengd worden tot drie maanden; als laatste stok achter de deur wacht tenslotte verbanning. In dergelijke gevallen moeten de rechters van in- en uitgaande rechten een afschrift van het vonnis ter beschikking stellen van de raad-fiscaal, die de straf ten uitvoer zal doen leggen. Gewelddadig en gewapend verzet tegen de commiezen en gardes van in- en uitgaande rechten wordt met de dood gestraft. "Attrouppement" zonder wapens is strafbaar met geseling op het schavot en een brandmerk. Rechterlijke officieren en wethouders moeten de employés van in- en uitgaande rechten desgevraagd bijstaan en ze hun gevangenis ter beschikking stellen, op straffe van persoonlijk aansprakelijk te worden gesteld voor eventuele schade. Bij herhaalde nalatigheid verliezen zij hun functie. De nakoming van contracten, gesloten tussen kooplieden en voerlieden, waarbij wordt overeengekomen om goederen zonder betaling van rechten te vervoeren, is niet in rechte afdwingbaar. Tenslotte voorziet de verordening in straffen voor ambtsmisdrijven van ontvangers, commiezen en gardes van in- en uitgaande rechten en voor het vervalsen van zegels en merktekens. Om de noodzaak tot frauderen te verkleinen, worden de wethouders aangespoord om de employés van in- en uitgaande rechten passende huisvesting te bieden tegen een schappelijke prijs.
  • ORDONNANTIE BETREFFENDE DE NALEVING VAN EEN CONVENTIE TERZAKE VAN DE UITWISSELING VAN DESERTEURS

    Hare Majesteit beveelt de naleving van een overeenkomst, die op 6 september 1766 is gesloten tussen graaf Ferraris en markies Boufflers, terzake van de uitwisseling van deserteurs uit de Franse legers, die in de Nederlanden zijn aangehouden en Nederlandse deserteurs, die in Frankrijk zijn aangehouden. De overdracht van Franse deserteurs zal geschieden te Brugge, Gent, Bergen of Luxemburg. Oostenrijkse deserteurs worden overgedragen te Duinkerken, Rijssel, Valencijn of Longwy. Indien een onderdaan van de Franse koning deserteert uit de legers van Hare Majesteit en vice versa, dan zal men volstaan met de uitlevering van paarden en uitrusting. De commandanten van de uitwisselingssteden dienen onderling contact te onderhouden over de uitwisseling. Het verdrag voorziet in de mogelijkheid om onder bepaalde omstandigheden deserteurs op wederzijds grondgebied te vervolgen. De verordeningen terzake van het aankopen van uitrusting van militairen blijven van kracht. Eventuele problemen zullen door de aangewezen commandanten in goed overleg worden opgelost. Bij tijdige ratificatie zal het verdrag op 6 november 1766 in werking treden.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN HET MERKEN VAN LEER EN HUIDEN

    Binnenlands "gevet" of "getouwd" leer mag in de Zuidelijke Nederlanden overal worden verkocht, mits het is voorzien van het "beste" merk van de stad of van de geoctroyeerde manufacteur. Buitenlands leer moet ter plaatse waar het te koop wordt aangeboden worden gekeurd. De lokale verordeningen terzake blijven voor het overige voorlopig van kracht.
  • ORDONNANTIE BETREFFENDE DE NALEVING VAN EEN CONVENTIE TERZAKE VAN DE UITWISSELING VAN DESERTEURS

    Hare Majesteit gelast de naleving van de overeenkomst, die op 20 mei 1767 is gesloten tussen De Neny en De Rongrave, terzake van de uitwisseling van deserteurs tussen de Oostenrijkse Nederlanden en Luik. De conventie is opgemaakt naar het model van (?1742-05-01) en wordt aangegaan voor de duur van tien jaar. Echter zal de militaire rechter in plaats van de onbepaalde rechters van het ressort summier kennis nemen van overtredingen van het verdrag en de bijhorende amenden opleggen.
  • EDICT TERZAKE VAN HET ONDERRICHT IN DE WIJSBEGEERTE

    Maria Theresia verbiedt haar onderdanen om zonder speciale permissie elders dan aan de Universiteit van Leuven onderwijs in de wijsbegeerte te volgen, op straffe van boete en een verbod om ooit enige kerkelijke of wereldlijke waardigheid te bekleden, of in de medische professie werkzaam te zijn. Indien de overtreder van het verbod minderjarig is, dan worden ouders en voogden aansprakelijk gesteld. De minderjarige heeft recht op schadeverhaal jegens ouders en voogden.
  • EDICT TERZAKE VAN HET ONDERRICHT IN DE WIJSBEGEERTE EN DE HUMANORIA

    Maria Theresia bevestigt het exclusieve recht van de Artes-faculteit van Leuven om onderricht te geven in de wijsbegeerte binnen de Zuidelijke Nederlanden. Alle opleidingen in de dialectica worden opgeheven of vervangen door opleidingen in de retorica. De voorrechten die voorheen werden genoten door de studenten dialectiek van het Drievuldigheidscollege te Leuven, zullen voortaan worden genoten door de retorica-studenten. Teneinde de kwaliteit van het onderwijs te garanderen, worden voorschriften gegeven ten aanzien van de onderwijsformatie van de colleges, alwaar retorica zal worden onderwezen. Overtreding van het wijsbegeerte-monopolie wordt gestraft met een boete van duizend gulden.
  • REGLEMENT TERZAKE VAN DE SPOORBREEDTE VAN KARREN EN WAGENS

    In overeenstemming met de geldende voorschriften in Luik, Gulik, Keulen, Kleef en Pruisisch Opper-Gelder wordt de spoorbreedte van karren en wagens vastgesteld op vijf Rijnlandse voet. Het "varen" met afwijkend spoor wordt gestraft met een amende van twee dukatons. Wethouders en magistraten kunnen zich bij de "raedemaecker" Matthijs van Vorst voorzien van een meetlat. Alle wielmakers moeten hun produkten merken met naam en bouwjaar. Degenen die daartoe volgens (? 1696-03-16) verplicht zijn, dienen vóór 1 februari wegen en karresporen op de vereiste breedte te brengen.