• PROVISIONELE ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MUNTCIRCULATIE

    Het Hof van Gelre stelt een nieuwe koers vast voor Roermonds, Luiks en Brabants kopergeld om te voorkomen dat de bevolking van het_Overkwartier nadeel ondervindt van de door de centrale regering vastgestelde wisselkoersen (? 1698-01-09). Voor renten en schulden aangegaan voor 16 april 1698 blijft de oude koers van kracht.
  • ORDONNANTIE VAN DE RAAD VAN FINANCIËN TERZAKE VAN HET TRANSITORECHT

    Ten einde de doorvoerhandel te begunstigen, bepaalt de landvoogd dat bij wijze van transitorecht van manufacturen van zijde, goud, zilver, smyrna, wol, saai, linnen en katoen slechts 2,5% geheven zal worden, mits de formaliteiten zoals vastgelegd in de reglementen terzake strikt worden nageleefd.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN HET DRAGEN VAN ROUWKLEDING

    Naar het voorbeeld van de in Spanje in 1684 en 1691 afgekondigde wetten, worden voorschriften uitgevaardigd om excessieve rouw tegen te gaan. Het plakkaat bepaalt de rouwkleding van personen en de stoffering van rouwkamers, kerken en begraafplaatsen. Ten aanzien van het koninklijk huis, de adel en de burgerij wordt bepaald tot welke graad van bloed- of aanverwantschap en in welke vorm men rouw mag aannemen voor een overledene. Het onrechtmatig gebruik van rouwkoetsen en omfloerste paarden wordt gestraft met een boete van honderd gulden en verbeurte van de koets.
  • ORDONNANTIE TER BESTRIJDING VAN DE BENDEN DER "SWARTMAECKERS"

    De verordening voorziet in speciale maatregelen ter bestrijding van een bende straatschenders, brandstichters en "voetenbranders", die delen van Brabant en het_Overkwartier onveilig maken. De bandieten maken zich onherkenbaar door hun gezichten te verven. Teneinde zich met meer succes te weer te kunnen stellen tegen overvallers, wordt een systeem opgezet om meerdere dorpen tegelijkertijd te alarmeren. De plaatselijke justitie en met name de meier van Leuven, de markgraaf van het land van Rhijen, de grootbaljuw van Wals-Brabant en de rechterlijke officieren van het_Overkwartier, krijgen speciale bevoegdheden terzake van de berechting van deze "swartmaeckers". Een hoge beloning wordt uitgeloofd voor de aanhouding van de bendeleider, dood of levend.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN HET ONDERHOUD VAN WEGEN, SLOTEN EN WATERLOPEN

    Om een meer effectieve naleving te verzekeren van de bepalingen aangaande het periodiek onderhoud van wegen en waterlopen, zoals vervat in GLS 2.5.7.28-31 en (? 1673-06-26), worden de sancties verzwaard voor de officieren, die met het toezicht op de werkzaamheden zijn belast. Indien zij eventuele boeten niet binnen twee maanden innen, vervallen die geheel aan de ontvanger der exploiten. Elk voor- en najaar moeten zij een beëdigde verklaring opmaken, waaruit blijkt dat het onderhoud der wegen naar behoren is gebeurd. Elke daarna nog geconstateerde onvolkomenheid komt ze te staan op een boete van twaalf goudgulden.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE UITVOER VAN GRAAN

    Onder verwijzing naar (?1694-04-22) wordt toestemming gegeven in het_Overkwartier verbouwd graan uit te voeren naar de geallieerde gebieden, mits die gebieden niet grenzen aan door de vijand bezette gebieden. Het transport moet worden voorzien van paspoorten die hoeveelheid en bestemming van het graan duidelijk omschrijven. Binnen tien dagen na het transport moet op het kantoor van in- en uitgaande rechten een verklaring van de magistraat van de stad waar het graan is verkocht worden overgelegd, waaruit blijkt, dat inderdaad alle graan is aangekomen. De koper moet onder ede beloven het graan niet naar de vijand door te verkopen.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE BEVOEGDHEDEN VAN DE GEDELEGEERDE RECHTERS DIE ZIJN AANGESTELD KRACHTENS (? 1691-12-29 )

    De bevoegdheid van de gedelegeerde rechters -- twee burgerlijke en één militaire -- die ingevolge (? 1691-12-29) een prijsgerecht vormen voor de confiscatie van paarden, wordt thans uitgebreid tot het beoordelen van de juistheid van de inbeslagname van granen, die in weerwil van de verschillende verboden (cf. (? 1692-11-03), (? 1692-12-16), (?1693-12-05), (? 1694-02-06)) naar Frankrijk dreigen te worden uitgevoerd.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE UITVOER VAN GRANEN

    De graanproduktie van de ambten Kriekenbeek en Erkelenz mag worden uitgevoerd naar Aken en Maastricht. Elk transport dient te zijn voorzien van een paspoort dat hoeveelheid en bestemming exact aangeeft. De verkopers dienen uit Maastricht of Aken gerechtelijke verklaringen mee terug te brengen omtrent de hoeveelheid die werkelijk is afgeleverd. Nalatigheid wordt gestraft naar de gestrengheid der plakkaten.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MILITAIRE DISCIPLINE

    Militairen mogen geen kooplieden aanhouden om hun koopwaren te doorzoeken onder voorwendsel van de uitvoering van verordeningen aangaande de betaling van in- en uitgaande rechten of in- en uitvoerverboden. De verordening dient ook door de militaire officieren te worden gepubliceerd.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN HET GRAANVERVOER PER SCHIP

    Indien men granen per schip vervoert, dient men bij het eerste kantoor van in- en uitgaande rechten een passavant aan te vragen, waarin gespecificeerd wordt welke plaats de lading als bestemming heeft. Het is verboden de lading onderweg geheel of gedeeltelijk te lossen. Zulks om ontduiking van (? 1692-11-03) tegen te gaan.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN HET DISTILLEREN VAN BRANDEWIJNEN

    In verband met graanschaarste wordt het distilleren van spiritualiën verboden. Distilleerderijen dienen te worden gesloten. De eigenaren moeten onder ede verklaren dat zij hun inrichtingen niet zullen gebruiken. Alle octrooien en concessies worden ingetrokken. Bij controle aangetroffen clandestiene stokerijen zullen in beslag worden genomen. De lokale overheid dient zorg te dragen voor de registratie van de stokerijen.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE MILITAIRE DISCIPLINE EN DE VEILIGHEID VAN DE WEGEN

    De verordening behelst bepalingen terzake van de uitgifte van paspoorten aan militairen, de aansprakelijkheid van officieren voor het gedrag van hun ondergeschikten, en de wijze waarop schade door militairen aangericht via de intendant op de soldijbetalingen kan worden verhaald. Daarnaast geeft de verordening bepalingen aangaande de vervolging, aanhouding en berechting van militaire delinquenten en van bedelaars en vagebonden. Waarden en herbergiers mogen alleen vreemdelingen opnemen die voorzien zijn van paspoorten in de vereiste vorm. De verordening dient elke eerste zondag van de maand na de hoogmis te worden afgelezen.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE DRUKPERS

    Het Hof van Gelre verbiedt de verspreiding van "Antidote tegens den 6. ende 7. article van de theses de welcke pater Bonaventura van Dijck, religieus van St. Franciscus ordre, heeft doen drucken om die te defenderen in de universiteyt van Loven op de feeste der canonisatie van de H.H. Joannes Capistranus ende Paschalis Baylon" van Jan Cantor, op een boete van honderd goudgulden.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE RATIONSGELDEN EN ANDERE PUBLIEKE LASTEN VAN DE HEERLIJKHEID DALENBROEK

    Krachtens decreet van de Geheime Raad van 12 october 1690 beveelt het Hof van Gelre dat in Herten en Maasniel van elke ton gebrouwen bier zes stuivers Brabants geheven moet worden ten laste van de brouwers. Per vat moet door degenen "die se metten pott sullen vercoopen" nog eens achttien stuivers belasting worden betaald. De baten van deze imposten zullen worden gebruikt voor het betalen der rationsgelden en andere publieke lasten.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE VREEMDE KRIJGSDIENST

    De landvoogd hernieuwt het verbod van zich in vreemde krijgsdienst te begeven. Het is de taak van de ordinaris en de militaire justitie om de verordening af te kondigen en zorg te dragen voor de naleving ervan.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE REVISIE VAN VONNISSEN

    Advocaten en procureurs, die namens hun client herziening van het vonnis van een subaltern gericht wensen te verkrijgen, zullen daartoe niet, met de bedoeling de uitvoering van het gewijsde te ontgaan, het middel van nulliteit bezigen maar dat van revisie. Zulks om te voorkomen, dat Zijne Majesteit de inkomsten derft, die hem krachtens het plakkaat van 16 september 1613 (PB 1.615) terzake van onwijze revisie toekomen. De verordening moet "ter rolle" worden gepubliceerd.
  • ORDONNANTIE TER BESTRIJDING VAN DE PASSAGE VAN VREEMDE KRIJGSBENDEN

    Civiele noch militaire officieren van Zijne Majesteit zullen de passage gedogen van vreemde krijgslieden, die niet beschikken over zijn schriftelijke permissie. Evenmin kan worden toegestaan dat personen zich met bedekte wapens in zijn landen ophouden. Dergelijke personen moeten worden aangehouden en opgebracht naar de gevangenissen binnen de ommuurde steden. Gaarkeukens, herbergen en wegen dienen regelmatig gecontroleerd te worden op de aanwezigheid van ongewenste vreemdelingen. De garnizoenscommandanten moeten de burgerlijke overheden ondersteunen bij de tenuitvoerlegging van de verordening.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN HET TOEZICHT OP DE DRUKPERS

    De verspreiding van het augustusnummer van de "Mercure historicque et politicque" van 1688 wordt verboden wegens de voor de Heilige Stoel beledigende inhoud. Op overtreding van het verbod is een boete van honderd goudguldens gesteld. Het verspreiden van toekomstige afleveringen van de "Mercure" wordt gestraft met twee jaar verbanning.
  • ADDITIONEEL PROVISIONEEL REGLEMENT VOOR DEURWAARDER EN BODEN VAN HET HOF VAN GELRE "OP 'T STUCK VAN EXECUTIE"

    (? 1678-10-17) -- welk reglement onverkort wordt gehandhaafd -- ten vervolge, wordt bepaald, dat voortaan de boden, alvorens zij tot het ambt worden geadmitteerd, een borgsom moeten storten in handen van de griffier van het Hof. De boden die thans in functie zijn moeten alsnog een borgsom van vijftig gulden storten, op straffe van gesuspendeerd te worden. De deurwaarder en boden moeten jaarlijks aan het begin van de grote vacantie hun stok, commissiebrief en bus inleveren, opdat zij voor hun eventuele misdragingen gestraft zouden kunnen worden. De momber zal op de gedane klachten actie ondernemen zoals het behoort. Voortaan moeten de boden een "relaezenboeck" bijhouden. Dit boek moeten zij jaarlijks aan het begin van de grote vacantie inleveren. Het wordt ze nadrukkelijk verboden enige "executie te vertrecken" zonder consent van den Hove, op straffe van tien goudguldens boete. De verordening zal worden gedrukt en dient ter rolle te worden gepubliceerd.
  • OCTROOI (VAN DE RAAD VAN FINANCIËN) TERZAKE VAN DE ADMODIATIE VAN TOLLEN, IN- EN UITGAANDE RECHTEN EN CONVOOIEN

    Zijne Majesteit verpacht voor de periode maart 1687 - eind februari 1690 de inkomsten van tollen, in- en uitgaande rechten en convooigelden. De condities zijn hoofdzakelijk dezelfde als in (? 1684-02-22) en (? 1683-02-10). De functie van controleur van in- en uitgaande rechten komt voortaan ten laste van Zijne Majesteit (art. 3). Zijne Majesteit behoudt zich het recht voor om tarieven tussentijds te wijzigen, onder schadeloosstelling van de admodiateur-generaal (art. 34). De opbrengsten van confiscatiën wegens ontdoken rechten komen als voorheen ten goede aan de admodiateur-generaal. Indien echter een van Zijne Majesteits officieren de "calange" (eis tot naasting) doet, dan moet aan hem zijn rechtmatig aandeel worden uitbetaald (art. 66). Ten aanzien van de rechtspleging van tollen en licenten wordt bepaald, dat van interlocutoire en provisionele vonnissen geen appèl valt op de Chambre Suprême.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN DE HERPUBLICATIE VAN HET PLAKKAAT TERZAKE VAN DE WERKZAAMHEID VAN UITHEEMSE KOPERSLAGERS IN HET_Overkwartier

    De verordening verbiedt uitheemse koperslagers en "ketelbuyters" om in het_Overkwartier hun beroep uit te oefenen. Geen koperslager zal zich in het_Overkwartier mogen vestigen, zonder dat hij de vereiste meesterproef heeft afgelegd. De koperslagers mogen echter geen misbruik maken van hun monopolie door de prijzen op te drijven.
  • AKTE TERZAKE VAN DE SCHADELOOSSTELLING VAN "GEREFORMEERDE" RAADSHEREN EN OFFICIEREN

    (? 1681-01-25) en (? 1684-01-07) ten vervolge, bepaalt Zijne Majesteit, dat de "gereformeerde" raadsheren en officieren een vergoeding zullen ontvangen over hun "don gratuit" (verplichte "vrijwillige" schenking/lening, die sinds 1673 van Zijne Majesteits ambtenaren wordt gevorderd (CB 1, fol. 120-123))*. De rente moet worden voldaan uit de fondsen die anders voor de betaling der salarissen zouden worden gebruikt. De gereformeerde raadsheren kunnen als surnumerairs hun plaatsen blijven vervullen zonder enige vergoeding. De akte wordt geacht met (? 1681-01-25) en (? 1684-01-07) één geheel uit te maken.
  • ORDONNANTIE TERZAKE VAN HET VERKOPEN VAN VEEVOER DOOR MILITAIREN

    Particulieren mogen onder geen voorwaarde veevoer aankopen, dat door militairen te koop wordt aangeboden, maar dat eigenlijk vanwege Zijne Majesteit aan cavaleristen en dragonders is verstrekt tot onderhoud van hun paarden. De overtreder riskeert een boete van honderd florijnen.
  • OCTROOI VAN DE RAAD VAN FINANCIËN TERZAKE VAN DE ADMODIATIE VAN TOLLEN, IN- EN UITGAANDE RECHTEN EN CONVOOIEN

    Zijne Majesteit verpacht voor de periode april 1684 - eind februari 1687 de inkomsten van tollen, in- en uitgaande rechten en convooigelden. Een overzicht van de inkomsten, die in admodiatie worden gegeven, ontbreekt. Voor het overige zijn de condities in grote lijnen gelijk aan die van (? 1683-02-10) art. 12 tot einde.