• PLAKKAAT TER VOORKOMING VAN DE VERSPREIDING VAN DE BESMETTELIJKE ZIEKTE EN TER VOORKOMING VAN PRIJSSTIJGINGEN VAN GRAAN

    (?1709-08-23) ten vervolge, treffen de Staten-Generaal aanvullende maatregelen om te voorkomen, dat de besmettelijke ziekte van Danzig zich in de Republiek verspreidt, zonder dat daardoor echter de aanvoer van graan vanuit het Oostzeegebied komt te stagneren, omdat zulks schaarste en prijsstijgingen zou veroorzaken. <\n> Het is verboden in Danzig andere goederen dan graan te laden. De schepen moeten zo ver mogelijk uit de kust blijven en het graan in lichters aan boord laten \nengen. In de haven van vertrek moet voor elke persoon aan boord een gezondheidsverklaring worden afgegeven. De schepen moeten in de Sont op convooi wachten. Zij mogen niet buiten convooi naar de havens in de Republiek vertrekken. Bij het lossen van de zeeschepen in mastlichters mogen de matrozen van beide schepen niet met elkaar in aanraking komen. De bepalingen van deze verordening zijn ook van toepassing op geallieerde en neutrale schepen.
  • PLAKKAAT TER VOORKOMING VAN DE VERSPREIDING VAN EEN BESMETTELIJKE ZIEKTE

    In verband met een te Danzig uitgebroken besmettelijke ziekte, bepalen de Staten-Generaal dat schepen afkomstig uit de Oostzee alleen op de rede van Texel voor anker mogen gaan. Daar zullen de nodige maatregelen worden getroffen om verspreiding van de ziekte tegen te gaan. Ontduiking van deze maatregel is strafbaar met de dood.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE DISTRIBUTIE VAN GRAAN

    (?1709-06-17) ten vervolge, regelen de Staten-Generaal de graandistributie voor de open steden en het platteland van het Overkwartier en de Landen van Overmaze. Roermond, Venlo en Maastricht worden als distributiecentra aangewezen. Voor elke plaats dient de wekelijks benodigde hoeveelheid graan (graanquote) te worden vastgesteld. Die graanquote wordt wekelijks vrijgegeven door de ontvanger van in- en uitgaande rechten, op assignatie van de magistraat van het distributiecentrum. Voorwaarde voor de verstrekking van het graan is de schriftelijke belofte het alleen voor eigen consumptie te gebruiken. De ontvanger van in- en uitgaande rechten dient deze verklaringen te geven volgens bijgaand standaardformulier permanent te bewaren. Voor molenaars en het malen van graan is ook een dergelijk systeem voorzien. De ontvangers van in- en uitgaande rechten, de controleurs en commiezen ter recherche worden gewaarschuwd, dat distributie langs andere kanalen met de dood zal worden gestraft. Het is verboden buiten de steden van Maastricht, Roermond en Venlo graan op te slaan of graanmarkten te houden.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE LEVERING VAN GRAAN AAN DE VIJAND

    Wegens veelvuldige overtreding van de verboden, vervat in (?1709-04-11), (?1709-05-24_1)(?1709-05-24_2) en (?1709-05-30), stellen de Staten-Generaal de doodstraf op de levering van tarwe, rogge, gerst, boekweit, haver, spelt, bonen, erwten, rijst, gort en stijfsel aan Frankrijk of Spanje. Voor de uitvoer van granen naar bevriende of neutrale mogendheden kan niet langer worden volstaan met paspoorten afgegeven door de Raden ter Admiraliteit. Voortaan is toestemming van de Staten-Generaal zelf vereist. Het plakkaat behelst instructies voor het aanvragen en het gebruik van bedoelde paspoorten, het storten van borgsommen en het vrijgeven daarvan. De bevoorrading van dorpen en open steden moet door tussenkomst van de lokale overheid geschieden langs de kortste weg vanuit de meest nabije ommuurde stad.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE LEVERING VAN RIJST, GERST EN GORT AAN DE VIJAND

    Wegens de stijging der graanprijzen, worden tot nader order ook rijst, gerst en gort onder het uitvoerverbod (?1709-04-11) gebracht.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE LEVERING VAN STIJFSEL AAN DE VIJAND

    Ook stijfsel wordt geacht begrepen te zijn onder de werking van (?1709-04-11). De levering van stijfsel aan Frankrijk of Spanje is derhalve verboden.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE LEVERING VAN GRAAN AAN DE VIJAND

    (?1709-04-11) ten vervolge, gelasten de Staten-Generaal tot nader order aan de officieren van 's lands schepen en aan de kapiteins van commissievaarders om alle schepen geladen met graan en met Spanje of Frankrijk als bestemming, op te brengen. Indien dergelijke schepen onder geallieerde vlag varen, zal de lading worden geconfisqueerd. Indien het een schip onder neutrale vlag betreft, zal het aan de eigenaars worden teruggegeven, nadat de lading is gelost en ten bate van de eigenaren verkocht, onder inachtneming van het bepaalde in (?1709-04-11). In een dergelijk geval worden de commissievaarders voor hun moeite beloond met een premie naar rato van het aantal lasten graan. Alvorens de Raden ter Admiraliteit tot uitbetaling van de premie kunnen overgaan, moet een beëdigde verklaring worden overlegd van de "gezwooren meesters van waren de ronde maat subject". Het is ingezetenen van de Republiek niet geoorloofd zich in te laten met graantransacties met Frankrijk of Spanje.
  • PLAKKAAT VAN ELUCIDATIE TERZAKE VAN DE PREMIES VOOR COMMISSIEVAARDERS

    De verordening behelst wijzigingen van (? 1705-07-28_1). Na een overgangsperiode zullen de premies voor het veroveren of vernietigen van vijandelijke schepen alleen nog maar worden uitbetaald, indien het vijandelijke oorlogsschepen of commissievaarders betreft. Indien het een vijandelijke koopvaarder met brieven van retorsie betreft, zal de commissievaarder zich tevreden moeten stellen met de lading van het schip. De Raden ter Admiraliteit zullen voor schepen, veroverd of vernietigd vóór 15 september, het oude premiestelsel blijven hanteren. Verder wordt de periode dat commissievaarders op de Noordzee moeten kruisen verdubbeld. Bovendien moet het salaris van de schrijver, die door het College ter Admiraliteit aan boord is aangesteld, voortaan door de reder worden betaald.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE LEVERING VAN GRAAN AAN DE VIJAND

    De Staten-Generaal verbieden tot nader order de levering van graan aan Frankrijk en Spanje. Ingezetenen van de Republiek mogen zich ook niet inlaten met graanleveranties aan deze mogendheden vanuit andere landen. Overtreding van het verbod wordt gestraft met confiscatie van het graan, een boete ter hoogte van de waarde van het graan en inbeslagname van de transportmiddelen. Het vervoer van graan uit het ressort van de Generaliteit wordt gebonden aan een stelsel van paspoorten, certificaten en cauties. De Raden ter Admiraliteit worden met het toezicht belast.
  • RENOVATIE- EN AMPLIATIEPLAKKAAT TERZAKE VAN DE WISSELHANDEL MET FRANKRIJK

    (?1707-07-02) ten vervolge, verbieden de Staten-Generaal het trekken, accepteren en houden van Franse wissel\nieven, betaalbaar in muntbiljetten. Alleen wissel\nieven betaalbaar in specie mogen worden geaccepteerd, mits zij binnen drie maanden vervallen, uitgezonderd die van Lyon, die op de eerstvolgende jaarmarkt vervallen. Bankiers mogen geen gereed geld ter beschikking stellen in ruil voor muntbiljetten en zo de Franse oorlogsinspanningen ondersteunen. Wissels getrokken op Frankrijk mogen in de Republiek niet worden verdisconteerd. Wissels die in weerwil van dit verbod toch zijn verdisconteerd, moeten door de acceptant tegen kwijting worden betaald aan een speciaal aan te wijzen officier. De houder kan geen aanspraak meer maken op betaling. <\n> Het is de houder van Franse wissel\nieven gepermitteerd onder bepaalde voorwaarden de wissels éénmaal te endosseren. Notarissen en makelaars dienen zich van transacties met wissels of muntbiljetten te onthouden, op straffe van het verlies van hun functie en arbitraire correctie. De stedelijke overheden in de grote steden dienen de bankiers speciaal van de inhoud van de verordening te verwittigen.
  • Publicatie ter zake van de opheffing van de uitvoerverboden naar Brabant en Vlaanderen

    Bij plakkaat (? 1708-10-24) werd de levering van levensmiddelen naar Gent, Brugge en andere Vlaamse steden, die door de Franse legers bezet zijn, verboden. Met het plakkaat van (? 1708-11-03) werd verder ook de uitvoer van krijgsvoorraad en alle andere vormen van koopwaar naar de door Frankrijk bezette gebieden in Vlaanderen aan banden gelegd. De sancties tegen overtreders werden tegelijkertijd verscherpt. <\n> Met de huidige publicatie trekt de Staten-Generaal beide uitvoerverboden in. Dit gebeurt naar aanleiding van veroveringen in de Zuidelijke Nederlanden op de Franse vijand. De uitvoerhandel van alle goederen naar Brabant en Vlaanderen kan voortaan weer zoals op de oude voet plaatsvinden.
  • NADER-PLAKKAAT TERZAKE VAN DE LEVERING VAN LEVENSMIDDELEN AAN VLAAMSE STEDEN ONDER FRANSE BEZETTING

    De Staten-Generaal verscherpen (?1708-10-24). Naast levensmiddelen wordt thans ook de levering van krijgsvoorraad verboden. De straffen worden aanzienlijk verzwaard. Boven de al bedreigde straffen kan een boete worden opgelegd ter hoogte van viermaal de waarde van de contrabande; de overtreder wacht als vijand van de staat bovendien nog de doodstraf. Officieren die een schikking treffen met de overtreder zullen infaam verklaard worden, verliezen hun functie en riskeren arbitrale correctie. De aanbrenger van een overtreding tegen deze verordening wacht een beloning van duizend gulden.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE LEVERING VAN LEVENSMIDDELEN AAN VLAAMSE STEDEN ONDER FRANSE BEZETTING

    De Staten-Generaal verbieden de levering van levensmiddelen aan Gent en Brugge en andere Vlaamse steden, die door de Fransen bezet zijn, op straffe van confiscatie van de levensmiddelen, de vervoersmiddelen en een boete van driehonderd gulden. Alle militaire en burgerlijke officieren mogen dergelijke transporten in beslag nemen. Al naar gelang van de kwaliteit van de officier die de aanhouding verricht, zullen de Raden ter Admiraliteit, de krijgsraden te velde, dan wel de gewone burgerlijke rechter, de rechtmatigheid van de inbeslagname beoordelen. Alle paspoorten voor het vervoer van levensmiddelen naar Gent en Brugge worden ingetrokken.
  • GENERAAL PARDON VOOR MILITAIREN, UIT 'S LANDS DIENST GEDESERTEERD

    Deserteurs die zich vóór 15 juni wederom bij hun onderdeel aanmelden, zullen niet worden gestraft. Militairen die dienst hebben genomen in een ander onderdeel dienen zulks bekend te maken. Na 15 juni zullen deserteurs weer naar de letter van de plakkaten met de dood worden gestraft. Het is militaire officieren verboden om deserteurs onderhands te pardonneren.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE WIERCULTUUR IN DE ZUIDERZEE

    De Staten-Generaal verbieden het vissen van wier met de "elger" (getande vork, waarmee de bodem wordt omgewoeld, ook gebruikt voor het vissen op paling) op straffe van een boete van honderd gulden en confiscatie van vaartuig en gereedschap. Overmatige bevissing bedreigt de wiergronden in het Breesant en voor de kust van Kolhorn en Aartswoud. Hierdoor wordt de levering van zeewier, dat gebruikt wordt bij de aanleg van zeeweringen, voor de toekomst onzeker.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN DE UITVOER VAN GEREED GELD

    De Staten-Generaal verbieden de uitvoer van gereed geld, goud en zilver op straffe van confiscatie en een boete van drieduizend gulden. Van deze maatregel zijn uitgezonderd de negotiepenningen, die ten behoeve van de V.O.C. worden verzonden, of die bestemd zijn voor de Moscovische handel, de Oostzeehandel, of de handel op Noorwegen. Gelden bestemd voor de betaling van de Staatse troepen in de Zuidelijke Nederlanden vallen evenmin onder het verbod.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN HET AANMONSTEREN VAN ZEELIEDEN IN DIENST VAN VREEMDE MOGENDHEDEN

    De Staten-Generaal verbieden zeelieden uit de Republiek om aan te monsteren bij buitenlandse oorlogs- en handelsmarines, of bij de visserij, waaronder begrepen de walvisvaart. Het plakkaat beoogt de "revocatie" van al degenen, die in vreemde dienst varen. Weigering aan deze oproep gehoor te geven zal worden gestraft aan lijf en goed. Zij die zich aan de handen van de justitie weten te onttrekken, worden bij verstek verbannen. In een dergelijk geval zullen hun vrouw en kinderen voor zover metterwoon in de Republiek gevestigd uit hun woonplaatsen worden verdreven en verstoken blijven van elke vorm van onderstand door aalmoezeniers of diaconieën. Het ronselen van zeelieden voor vreemde mogendheden, of het optreden als makelaar daarbij, wordt gestraft met een boete van driehonderd gulden.
  • PLAKKAAT TERZAKE VAN FRANSE MUNTBILJETTEN EN WISSELBRIEVEN MET EEN LOOPTIJD VAN ÉÉN JAAR

    De Staten-Generaal verbieden het accepteren van "billets de monnoye" en het "trekken", "accepteren" en "nemen" van wisselbrieven met een looptijd van één jaar. Slechts wissels op Frankrijk met een looptijd van drie maanden, betaalbaar in Franse kronen of écus blancs à zestig stuivers volgens het tarief van 1685, of in baar goud volgens hetzelfde tarief, zijn geoorloofd. Een uitzondering wordt gemaakt voor wissels getrokken op Lyon, die traditioneel op de jaarmarkt vervallen. Leningen ten behoeve van de Franse oorlogsinspanningen zijn verboden. Notarissen en makelaars, die zich inlaten met transacties met muntbiljetten of wisselbrieven op Frankrijk, riskeren het verlies van hun ambt en arbitrale correctie. De stedelijke overheden dienen de plaatselijke bankiers en wisselaars speciaal van deze verordening te verwittigen.
  • RENOVATIE- EN AMPLIATIEPLAKKAAT TERZAKE VAN DE UITVOER VAN HARINGTONNEN, DUIGEN, "HALFTVATEN" EN KRUISWANT

    De Staten-Generaal verbieden de uitvoer van benodigdheden voor de "grote visserij" (haringvangst), op straffe van confiscatie van haringtonnen, duigen, halftvaten en kruiswant, alsmede van het schip, waarmee deze goederen worden geëxporteerd. Bovendien riskeert de overtreder een boete die na elke overtreding wordt verdubbeld.
  • RENOVATIE- EN AMPLIATIEPLAKKAAT TERZAKE VAN DE VERVREEMDING EN HET ONEIGENLIJK GEBRUIK VAN BIER- EN AZIJNVATEN

    De verordening stelt een boete van vijftig caroli-gulden op het niet terugbrengen van lege vaten aan de brouwer, wiens merk op het vat is aangebracht. Deze boete is ook van toepassing op een keur van andere delicten, waarbij van vaten misbruik wordt gemaakt. De gezamenlijke brouwers mogen, wanneer de frequentie der overtredingen daartoe aanleiding geeft, op eigen kosten een persoon aanstellen om de overtreders te "calangeren" (aan te klagen) voor de competente rechtbank.
  • Bevel aangaande de publicatie van het plakkaat van 16 maart 1696* ter zake van het onderhoud van wegen, sloten en waterlopen

    Het plakkaat van 16 maart 1696 beoogt een meer effectieve naleving te verzekeren van de bepalingen aangaande het periodiek onderhoud van wegen en waterlopen, zoals vervat in GLS 2.5.7.28-31 en (? 1673-06-26). Daarom worden sancties verzwaard voor de officieren, die met het toezicht op de werkzaamheden zijn belast. Indien zij eventuele boeten niet binnen twee maanden innen, vervallen die geheel aan de ontvanger der exploiten. <\n>Elk voor- en najaar moeten zij een beëdigde verklaring opmaken, waaruit blijkt dat het onderhoud der wegen naar behoren is gebeurd. Elke daarna nog geconstateerde onvolkomenheid komt ze te staan op een boete van twaalf goudgulden.
  • RESOLUTIE TERZAKE VAN DE BESTRIJDING DER KOSTEN DIE DE INKWARTIERING VAN PRUISISCHE TROEPEN IN HET OVERKWARTIER MET ZICH BRENGEN

    De kosten van de winterkwartieren voor Pruisische troepen zullen, indien ze de krachtens (?1707-01-20/1) toegezegde vergoedingen te boven gaan, bestreden worden uit de personele schattingen van het Overkwartier. Indien deze middelen niet toereikend zijn, zal een reële omslag worden uitgeschreven.
  • RESOLUTIE EN REGLEMENT TERZAKE VAN DE INKWARTIERING VAN PRUISISCHE TROEPEN IN HET OVERKWARTIER

    Het reglement geeft zeer specifieke voorschriften voor de huisvesting, voeding en verwarming van Pruisische soldaten en officieren, die in het (Staats-bezette) Overkwartier worden gelegerd. De inwoners van het Overkwartier hebben recht op een vergoeding, die volgens een bepaalde verdeelsleutel dient te worden betaald door Engeland, de Republiek en door Pruisen zelf. Het onderhoud dient alleen te worden betaald voor "effectieve" soldaten. "Vuur en brandt" moet volgens de werkelijke kostprijs worden vergoed. Officieren mogen geen karren en diensten vorderen. Zij mogen niet jagen. De resolutie zal worden toegezonden aan de gevolmachtigd minister van de Pruisische koning, Smettau, aan het Hof van Gelre en aan de vestingcommandanten van Roermond en Venlo. Indien de Pruisen niet met de onderhavige resolutie accoord gaan, "houden en blijven" HHM bij hun resolutie van 17 november 1706 (RSG 1706.1278).
  • RESOLUTIE TERZAKE VAN DE INNING VAN BEDE, SUBSIDIE EN "ONRAEDT" EN TERZAKE VAN HET VERHALEN VAN OORLOGSLASTEN EN DE KOSTEN VAN BUITENLANDSE PROCESSEN

    De Staten-Generaal verklaren, dat (?1680-02-01) en (?1682-09-12) zullen blijven dienen als basis voor de belastinginning in het Overkwartier. Haar Hoog Mogenden bepalen tevens, onder verwijzing naar haar resolutie van 31 october 1695 (?1705-04-29), alsmede onder verwijzing naar (?1704-07-07), dat zonder haar goedkeuring geen oorlogslasten, noch de kosten van buitenlandse processen, via een omslag op onroerend goed op de ingezetenen mogen worden verhaald.