Bij patent van 30 juni 1757, gegeven te Wenen, heeft keizerin Maria Theresia besloten over te gaan tot oprichting van een Rekenkamer voor het voormalig Pruisisch Overkwartier te Roermond. Deze Rekenkamer wordt belast met de directie van de financiën, alsmede het afhoren en sluiten der rekeningen van domeinen, bede en subsidie, in- en uitgaande rechten, tollen en licenten, amenden en confiscatiën, en alle overige koninklijke rechten en inkomsten uit Pruissich Opper-Gelre. De Rekenkamer gelast alle Pruisische comptabele officieren hun rekeningen voortaan te Roermond in te dienen, alsmede een copie van de laatst afgesloten rekeningen lopende tot Drievuldigheidszondag van het jaar 1757, alles op straffe van militaire executie.